Reisverslag Noord Irak

IMG-20181115-WA0049

Reisverslag

In november 2018 ben ik met een delegatie naar Noord Irak gereisd.  De delegatie bestond uit experts op gebied van vrouwenrechten, economie, Ngo’s en good governance. Het doel van de reis een fact finding mission over de sociaal-economische en politieke situatie in Koerdisch Irak.

We hebben gesproken met twee belangrijkste regeringspartijen van de autonome regio Koerdistan, de PUK en KDP, de Koerdische strijdkrachten Peshmerga, de oppositiepartij Gorran, een vrouwenorganisatie, Ngo’s en de leiding van een vluchtelingenkamp.

Hieronder de belangrijkste bevindingen van de reis vanuit het perspectief van “Good Governance”:

De twee grootste partijen Puk en KDP maken zich vooral  zorgen over de lage olieprijzen, het gebrek aan steun van het westen voor de Koerden en de betwiste Koerdische gebieden binnen Irak.

Iraaks Koerdistan is een jonge democratie, maar de regionale overheid functioneert nog lang niet als een volwassen democratie vanwege de dominantie van de twee traditionele politieke partijen. Zij opereren alsof ze zelf overheid zijn in plaats van een onafhankelijke politieke partij.

De regeringspartijen hebben namelijk allebei aan de partij gelieerd overheidspersoneel in dienst en financieren diverse gelieerde instituties, zoals de media en vroeger hun Peshmerga strijdkrachten. Het overheidspersoneel betalen ze uit de olie-inkomsten en aan het hoofd van de partijen staan twee invloedrijke families. Het is daarom onduidelijk of het parlement over de verdeling van de overheidsbegroting gaat of deze twee partijen PUK en KDP.

Feit is dat in Iraaks Koerdistan een groot deel van de bevolking werkzaam is bij de overheid. Jongeren hebben van oudsher de verwachting dat iedereen na een universitaire studie een overheidsbaan kan bemachtigen. Dit was lange tijd de manier om jezelf op te werken in de maatschappij.

Wat beide partijen nu bindt, nadat zij in de jaren negentig in Koerdistan een burgeroorlog uitvochten, is het conflict met de centrale regering over de budgetverdeling. Iraaks Koerdistan heeft grondwettelijk recht op 17% van de olie-inkomsten vanuit Irak, maar veel grondwettelijke afspraken worden niet nagekomen door de regering in Bagdad. Zo ook de afspraken over de betwiste gebieden w.o. het olierijke Kirkuk. Maar er is meer aan de hand. De afgelopen decennia zijn Koerden verdreven en de streek is gearabiseerd geworden onder het regime van Saddam Hoessein.

Voor de Koerden kan de huidige zaak niet los gezien worden van de genocides op de Koerden onder het regime van Saddam Hoessein. De bekendste genocide is de chemische aanval op Halabja. De internationale gemeenschap heeft de Koerden meermaals  in de steek gelaten, de Koerden willen social justice, erkenning van het onafhankelijkheidsstreven en van de offers die de Koerden hebben gebracht in de strijd tegen IS. Beide partijen zijn overtuigd dat zij een rol in de regering moeten hebben. Het is onduidelijk of de beide partijen ook een oppositierol zouden kunnen innemen vanwege de verstrengeling van de overheid met de partijstructuur.

De jongeren in Iraaks Koerdistan zijn goed opgeleid, maar de jeugdwerkloosheid is groot. Met alleen onderwijs kom je er niet. De lokale jongeren missen vaardigheden en het onderwijssysteem is nog niet goed aangesloten op de wensen van de arbeidsmarkt. Het is lastig om als kleine ondernemers te starten vanwege de specifieke regels die een groot startkapitaal vereisen. Ook lijkt de overheid te wachten op buitenlandse donors en doet ze te weinig aan het stimuleren van de lokale ondernemingen. Grote markten zoals de olie-en energiemarkt evenals de medicijnmarkt zijn in handen van de PUK en KDP.

Er zijn grote kansen voor agrarische sector in Koerdistan, alhoewel de Koerden trotser zouden moeten zijn te zijn op hun lokale producten in plaats van een kantoor-of overheidsbaan te ambiëren. Onder de nieuwe en succesvolle ondernemers zijn veel teruggekeerde Nederlandse Koerden te vinden die een Nederlandse opleiding genoten hebben. Een mooi voorbeeld is de directeur van Kurdsat, een Koerdische Nederlander. Hij heeft vol vuur het “NOS omroep model “ingevoerd binnen zijn organisatie. Alhoewel hij niet onafhankelijk is (en gefinancierd via de PUK), wil hij alle groeperingen binnen bepaalde grenzen aan het woord laten en tegenwicht bieden aan de commerciële media.

In het parlement hebben we een aantal parlementsleden gesproken van diverse groeperingen, Turkmenen, Christenen en de partijen PUK en KDP. De meeste parlementsleden hadden weinig parlementaire ervaring en waren net gekozen en geïnstalleerd.

In het Koerdische parlement is een opgelegd quota voor vrouwen en bepaalde groepen (components). Het is niet alleen de vraag of alle quota’s opgevuld worden met onafhankelijke en competente mensen, maar ook is de vraag hoe het parlement sowieso haar onafhankelijke en controlerende rol kan innemen gezien de invloed van de traditionele partijen op de samenleving. De meeste parlementsleden zijn nl. ook onderdeel van deze partijstructuur. De implementatie van beleid- en regelgeving is daarom een lastig issue vanwege het gebrek aan parlementaire doorzettingsmacht.

In de gesprekken met de politieke partijen is nauwelijks aandacht geweest hoe het parlementaire regelgeving wordt geïmplementeerd of welke doelen zij hebben voor de opbouw van het land. Op lokaal niveau weet men nauwelijks dat er wet- en regelgeving is of “voorzieningen” bestaan voor bijv. vrouwen of behoeftigen.

De bestaande gemeenschappen zijn nu soms kwetsbaarder dan de IDP’s en de vluchtelingen. De Ngo’s kunnen de hulp niet geven vanwege de voorwaarden voor donorhulp. Bijv. Ngo’s moeten zicht richten op humanitaire hulp en buitenlandse refugees en mogen niet investeren in opbouw van het land of op ondersteuning van de eigen bevolking.

Irak en Koerdistan hebben heel veel internal displaced persons (IDP’s). IDP’s zijn vluchtelingen uit de door IS bezette gebieden. IS heeft in een groot deel van de Koerdische regio strijd gevoerd, waardoor veel mensen hun woonplaats zijn ontvlucht . De politieke partijen benoemden ook dat het budget te krap is voor de opvang van deze IDP’s. De reden daarvoor zijn o.a. de lage olieprijzen en de olie-inkomsten uit Bagdad die niet worden uitbetaald. De vraag is of gebrek aan geld de enige reden is dat de opvang niet goed van de grond komt.

De NGO’s pakken basale taken op voor gewone burgers in samenwerking met lokale overheden. Ngo’s moeten zich echter houden aan voorwaarden van de donorlanden en kunnen daardoor onvoldoende hulp bieden aan de burgerbevolking en de IDP’s (internal displaced persons) die nodig is. De VN geeft alleen noodhulp aan (buitenlandse) vluchtelingen en niet aan de IPD’s. De donors vinden dat Irak genoeg financiële middelen (olie) heeft om zelf te investeren in opbouw van het land. Wellicht klopt dit, maar het functioneren van de overheid in Koerdistan en Bagdad en de conflicten over de olierijke Kirkuk dragen niet bij aan een voortvarende aanpak.

Eem voortvarende aanpak is nodig omdat een van de grootste uitdagingen van Irak is, het tot stand brengen van verzoening tussen verschillende verdreven groepen zoals o.a. Arabieren, Koerden, Yezidi’s. De ngo’s zien de verzoeningsactiviteiten als het grootste prioriteit om de regio te stabiliseren. Met name de Yezidi’s zijn een groep die veel geleden hebben onder IS. Zij  kunnen rekenen op internationale aandacht, maar de re-integratie van IS-vrouwen krijgt minder steun.

Verzoening is nodig bij het verwerken van het oorlogsleed en het voorkomen van een nieuwe voedingsbodem voor IS of andere radicale groeperingen. De kapstok hiervoor is zoals vaak het verbeteren van vrouwenrechten, (het voorkomen van eerwraak, kind-huwelijken en verbeterde traumabehandelingen van misbruikte vrouwen), maar ook de  aanpak jeugdwerkloosheid of de re-integratie van IDP’s in de samenleving.

Tenslotte

We hebben Irak onderzocht vanuit het Koerdische perspectief, maar de problemen liggen ook buiten de Koerdische regio in Irak. In de eerste plaats zijn er ook grote problemen in Zuid Irak voor wat betreft water- en energie voorziening. Een gebrek aan basale voorzieningen in de regio kan een nieuwe aanleiding voor IS zijn om aanhangers te werven. Daarnaast zijn de geopolitieke belangen heel divers en is een goed bestuur in Irak en Koerdistan van essentieel belang. Dit is noodzakelijk voor het investeren in het herstel van vertrouwen tussen de bevolkingsgroepen, opbouw van de basisvoorzieningen en het ontwikkelen van de economie los van de oliesector en / of de traditionele partijpolitiek, zoals die o.a.  in Koerdistan is ontstaan. Hierbij zijn de economische kansen van jongeren essentieel om de voedingsbodem voor radicalisme te verminderen.

IMG-20181115-WA0049

De Koerdische overheid dient daarom betrouwbare internationale ondersteuning  te krijgen, omdat de geopolitieke machten (Iran, Turkije etc… ) grote druk uitoefenen om de regio te destabiliseren. Een regio waar economische kansen aanwezig zijn, maar nieuw gevaar van de radicalisering op de loer ligt.

Advertenties

Mijn verkiezingsprogramma in beeldtaal

Communicatie is van groot belang voor alle mensen en zelfs een mensenrecht, ook voor mensen die problemen hebben met het gebruik van gesproken of geschreven taal. Gebarentaal en beeldtaal kunnen dan helpen, maar helaas wordt dat nog te weinig ingezet en te vaak ook niet vergoed voor mensen in de WLZ. Ter ondersteuning hiervan de belangrijkste punten waarom ik kandidaat ben voor D66 Amsterdam in beeldtaal.

d66 in pictos 1d66 in pictos 2d66 in pictos 3d66 in pictos 4d66 in pictos 5

Laaggeletterden willen ook stemmen

Voor de D66 campagne ben ik samen met Meltem gaan flyeren in Amsterdam Oost.

We hadden een paar leuke gesprekken met mensen die vaker op D66 stemden, maar nu nog even twijfelden. We hebben een aantal mensen zeker over de streep getrokken. Want wie wil er nu niet op een leuke kandidaat stemmen (Meltem staat op nr. 11 en ik op nr. 32). Daarnaast hebben we gesproken met veel andere mensen over  onder meer de woningnood en de erfpacht.

Sommige mensen zeiden dat ze niet gingen stemmen.  Soms zelfverzekerd, maar ook  wel eens nors en teleurgesteld.  En soms kun je dan niet meer doen dan mensen een fijne dag te wensen.

Wij gingen verder met het aanspreken van het publiek. Meltem en ik spraken met andere voorbijgangers over de resultaten van Meltem  in de gemeenteraad met betrekking tot de dak- en thuislozen en voor betere zorg voor mensen met een beperking. Eén van de norse niet-stemmers luisterde mee en begon toch een gesprek met mij. Hij vertelde mij dat hij niet kon stemmen, want hij kon niet lezen. En dan mag niemand hem helpen in het stemhokje. Ik was even van slag, want ik  had deze opmerking  niet verwacht.  De man zat in een rolstoel, maar dat was dus niet zijn grootste beperking.

Er zijn regels dat lichamelijke beperkte mensen ondersteuning kunnen vragen bij het stemmen, maar laaggeletterde en/of mensen met een licht verstandelijke beperking mogen volgens de kieswet geen hulp ontvangen in het stemhokje.

Wat me opviel was dat hij zijn beperking pas met ons wilde delen toen hij ons hoorde praten over  de zorg voor mensen met een beperking.

D66 in Amsterdam wil komende jaren laaggeletterdheid aanpakken. We moeten daarin een stapje verder gaan en in de toekomst ook onze laaggeletterde inwoners begeleiden bij het stemmen.  Hoe kan je voor je rechten opkomen als je niet mag stemmen? Maatschappelijke en politieke participatie is namelijk een recht van ieder mens.

Littekens op de knokkels?

Littekens op de knokkels?

In deze blog van mijn echtgenoot schrijft hij dat het werkt als zorg en onderwijs aangepast worden aan de behoefte van degene die zorg nodig hebben en dat het heel belastend  is als iemand die zorg nodig heeft zich moet voegen naar een bestaand systeem. Er moet meer ruimte komen voor flexibiliteit en maatwerk in de zorg, zodat wie zorg nodig heeft en hun mantelzorgers niet langer tegen het systeem hoeven op te boksen en daarbij littekens op hoeven te lopen.  Lees verder “Littekens op de knokkels?”

Verbind Wonen met Zorg

Verbind wonen met zorg
Vandaag op 2 maart ben ik op campagne geweest in de buurtkamer op het Zeeburgereiland. Het is een gloednieuwe buurt, waar nog volop gebouwd wordt. In het panel zat Jan Bert Vroege, D66 nr. 7. op de lijst. Het panel werd voorgezeten door ouderenactiviste Saar Boerlage. De thema’s van gesprek waren o.a. wonen en hoe je op deze plek nog beter kan wonen, de stadsdeelcommissies en het bouwen van meer woningen in het lagere en middensegment.
Een gesprek met één van de bewoners heeft me geïnspireerd voor deze column.
De bewoners wonen in een nieuwe flat voor 55-Plussers. Het is een woonvereniging waar ouderen een betere zorg willen organiseren door nabuurschap te bevorderen. Nabuurschap houdt in dat alle buren zich inzetten voor de flat en de buurt. Hierdoor wordt eenzaamheid voorkomen en kunnen de jongere ouderen voor andere ouderen hand- en spandiensten uitvoeren.
Het blijkt dat vitale ouderen veel voor de buurt kunnen betekenen. Alhoewel veel 55- jarigen zich nog helemaal niet oud voelen, hebben 55-plussers vaak wel een andere woonbehoeften en hebben ze meer vrije tijd dan bijvoorbeeld jonge tweeverdieners met kinderen.
Het wooncomplex bestaat uit gewone appartementen, maar het complex is uitgerust met een gemeenschappelijke buurtkamer. In de buurtkamer worden activiteiten voor de flat en de buurt georganiseerd. Op deze manier worden jong en oud verbonden met elkaar. Wie weet groeit dit fenomeen en zijn de buurtkamers bij een seniorenflat of woongroep de toekomst. Ik pleit ervoor dat deze woonvormen vaker worden ingezet om verschillende mensen samen te brengen en de buurten levendig en vitaal te houden.

De gemeenten en ook Amsterdam hebben ook de opdracht mensen die nu uitstromen uit beschermd woonvormen en opvangvoorzieningen in de wijk te huisvesten. Hiervoor zijn betaalbare en aanpasbare woningen nodig, maar vooral ook een sociale en activerende omgeving. Een omgeving waar mensen elkaar kennen en eventueel een helpende hand uitsteken als het wat minder gaat. Er zijn al diverse voorbeelden van gemengd wonen. We hebben in Amsterdam huisvesting voor jongeren en (jonge) statushouders. Deze doelgroepen kunnen veel van elkaar kan leren. Of (ex-)GGZ-cliënten die samen met de buurtvereniging de tuin onderhouden en of gezamenlijke activiteiten voor de buurt organiseren. Uiteindelijk is het doel dat de oorspronkelijke zorgvragers, minder zorg vragen en zelf ook andere buurtgenoten kunnen ondersteunen.
Deze woon-zorgconcepten houden vooral in dat alle deelnemers de verplichting hebben zich in te zetten voor de buurt. Studenten krijgen door hun inzet, korting op de woning, of toegang tot een (tijdelijke) woning. Ook zijn er mensen die zich op idealistische gronden graag willen inzetten voor de samenleving. Deze vrijwillige inzet moeten we als gemeente koesteren. Ik zet me graag gemeenteraad kandidaat voor D66 in om nieuwe woon- zorg vormen te stimuleren, zodat iedereen in Amsterdam met voldoende zorg kan blijven wonen. De overheid zou de gemengd wonen initiatieven kunnen faciliteren zonder teveel bureaucratie. Dus meer zorg en minder regels.

 

 

Wat betekenen “Mensenrechten” voor de gewone burger?

 

Wat betekenen “Mensenrechten” voor de gewone burger?

Onder de klassieke mensenrechten vallen integriteitsrechten (zoals de vrijwaring van discriminatie en marteling), vrijheidsrechten (zoals het recht op vrije meningsuiting) en participatierechten voor het maatschappelijke en politieke leven (zoals kiesrecht). Deze rechten staan opgesomd en uitgebreid uitgelegd in het VN-verdrag (BuPo) van 1966.

Naast de klassieke mensenrechten bestaan er ook andere groepen mensenrechten zoals de sociale en economische rechten. Deze betreffen o.a. het recht op behoorlijke levensstandaard, recht op sociale voorzieningen, vrijheid van vakvereniging, recht op onderwijs, recht op gezondheid. Al deze rechten zijn mensenrechten, die ieder mens toekomen, waar ook ter wereld. Bij het bieden van voorzieningen aan mensen zijn dus niet alleen de wettelijke regels van Nederland en de gemeente van toepassing, maar ook de diverse sociale mensenrechten.
Een voorbeeld hoe mensenrechten kunnen helpen is dat sommige mensen tussen wal en schip vallen omdat de regels niet aansluiten op de werkelijke situatie. Hierdoor kunnen mensen in armoede terecht komen en daardoor geen menswaardig leven opbouwen.
Je kan stellen dat mensenrechten het uitgangspunt zijn bij het opstellen én uitvoeren van beleid. Dit betekent dat we niet alleen de regels moeten toepassen, maar ook kijken naar het resultaat bij het toepassen van regelgeving.

Als we op deze manier kijken naar regelgeving kunnen er verschillen ontstaan tussen gemeenten en ook binnen de gemeente bij het toepassen van de regelgeving.
Dit niet altijd onwenselijk, omdat mensen verschillende behoeften kunnen hebben en in verschillende omstandigheden verkeren.

Menselijke waardigheid is dat we in de gemeentelijke uitvoering tegemoet moeten kunnen komen aan essentiële behoeften voor een menswaardig bestaan en maatwerk moeten aanbieden in de bijstand en de Wmo. Maatwerk kan betekenen dat we niet alleen maar de regels toepassen, maar ook naar de uitkomst kijken. Heeft de voorziening werkelijke het gewenste effect? Wordt maatwerk ingezet om mensen zelf meer te laten doen? (om de bezuiniging te halen?) of ondersteunen we mensen werkelijk, zodat ze in hun eigen kracht op hun eigen manier een bijzondere bijdrage aan de samenleving kunnen geven.

Campagne pitch: maak zorg toegankelijk

Op 21 maart a.s. zijn er gemeenteraadverkiezingen. Ik sta op nr. 32 . Ik heb uw hulp nodig om D66 nog groter te maken. Ik wil het thema zorg, nog steviger op de agenda in Amsterdam te zetten, is het nodig dat kandidaten zoals ik, met affiniteit en expertise van de zorg  uw voorkeursstem te geven. Ook als ik geen voorkeurszetel ontvang zal ik me binnen en buiten D66 inzetten voor een toegankelijk zorgstelsel.

Voor mij betekent goede zorg,  dat de toegang tot die zorg sneller, beter en persoonlijker wordt. Er is meer maatwerk is nodig om daadwerkelijke ondersteuning te bieden aan alle mensen en in het bijzondere Amsterdammers.

In het dagelijks leven ben ik adviseur sociaal domein en ouder van een autistische zoon van 12. Ik heb zelf ervaren dat het niet altijd gemakkelijk is om de bureaucratische overheid te trotseren en de juiste hulp te vinden. Wachtlijsten, PGB administratie en gebrek aan specialismen binnen het onderwijs.

Laat me weten wat uw verhaal of ervaring is met de gemeentelijke of landelijke zorg? Schroom niet dit te delen met de politiek, want zonder uw verhaal is er geen zaak.

Stel de burger centraal in de zorg

 

Relatie burger en bestuur gebaat bij minder bureaucratie

Toen D66 werd opgericht  maakten we ons al zorgen over de relatie van de burger met de overheid. Nu  zit D66 in het centrum van de macht, maar er is op dit terrein nog veel te doen.

Vooral op het terrein van zorg en welzijn is er te veel bureaucratie waardoor Amsterdammers niet altijd de zorg krijgen die ze nodig hebben om mee te kunnen doen in deze stad. Gelukkig heeft het verkiezingsprogramma van D66 in Amsterdam veel aandacht hiervoor en ik heb daar als lid aan bijgedragen. Er staan standpunten in over zorg, welzijn en participatie, standpunten die de eigen kracht van mensen grondig versterken.

Als kandidaat gemeenteraadslid wil ik een bijdrage leveren om de bureaucratie in de zorg te verminderen. Het moet gemakkelijker worden voorzieningen aan te vragen en  cliënten maatwerk aan te bieden.

Echter er zijn veel tegenstrijdige regels, die het de uitvoerders en burgers niet gemakkelijker maken.

Eén voorbeeld is erg schrijnend.  Jongeren die Jeugdhulp ontvangen omdat ze bijvoorbeeld een psychische aandoening hebben of om veiligheidsredenen niet meer thuis kunnen wonen. Als ze 18 worden dan is de Jeugdwet niet meer van toepassing en vallen ze in de Wmo.

Strikt genomen wordt de jeugdhulp dan stopgezet en kan er een nieuwe voorziening vanuit de volwassenen zorg aangevraagd worden. Vaak geeft dit problemen. De zorgaanbieder levert alleen “Jeugdhulp” en geen “Volwassenenzorg”.  De inkoop en financiering is anders geregeld en de zorg loopt niet meer door. Ook zijn opvangvoorzieningen van kinderen die volwassen worden niet berekend op  doorstroom naar de volwassenenzorg. En een kamer vinden in Amsterdam is heel lastig. In het ergste geval komen de jongeren met een multiproblematiek dan bij het Leger des Heils terecht.

Ik wil de politiek laten weten dat we niet meer regels moeten stellen, maar keihard de uitvoerende professionals moeten ondersteunen om te doen wat echt nodig is.

Ontregel Amsterdam, mij een zorg

Uitgelicht

Archief

bty

Ontregel Amsterdam,  mij een zorg!

Ik ben Lidwien van Langen. D66-ers  zijn over het algemeen gelukkige, hoogopgeleide en redelijke mensen. We willen regie over ons leven. Een van de uitgangspunten van D66 is “ De eigen kracht van mensen”. “Wij willen dat de overheid deze kracht, vindingrijkheid en creativiteit van mensen ondersteunt en ruimte geeft. De sleutel voor verandering ligt bij mensen zelf en wij willen dat de overheid daarbij aansluit.

Sluit de overheid aan bij de kracht van mensen?

De praktijk is weerbarstig. In de praktijk is het vaak de overheid die het mensen belet om in hun kracht te komen. Om in aanmerking te komen voor voorzieningen moet je de weg weten, de kennis hebben en heel veel moed en dapperheid bezitten om de bureaucratie te trotseren.

In de media  zijn er vele gevallen bekend waarvan je denkt “hoe heeft het zo ver kunnen komen”.  Mensen die zorg mijden, geen vertrouwen meer hebben dat de overheid hulp kan bieden omdat ze tegen een bureaucratische muur van regels aanlopen.

Onderzoek heeft aangetoond dat stress in de bureaucratische werkelijkheid de mentale vermogens van mensen doet afnemen, ook van hoogopgeleide (D66-ers). Mensen weten zich geen raad meer hoe hun problemen op te lossen en openen de brieven niet meer.

Wat ga ik hieraan doen?

Ik pleit er voor dat de overheid naast de burger gaat staan en ondersteunt waar het nodig is. Door de mensen centraal te stellen en niet het systeem.  De overheid is er voor de burger en niet andersom.

D66 dient de vele bureaucratische en tegenstrijdige regels uit te bannen.  Regelgeving die de mens eerder tot waanzin drijft dan dat men er gelukkiger van wordt. Een van de grootste aandachtspunten is het voorkomen van schulden. De (landelijke) overheid is vaak ook een schuldeiser. Vaak kun je van een kale kip niet plukken en groeit een kleine schuld uit tot een mega probleem. Soms met uithuiszetting van mensen tot gevolg. Een trauma voor iedereen in het gezin. En de lokale overheid zit met de gebakken peren. Zelfs de toegang tot schuldhulpverlening is zodanig met regels omgeven dat mensen die dit nodig hebben dit vaak niet kunnen krijgen.

Kan Amsterdam het alleen?

Veel regels zijn door het Rijk opgesteld. Soms beperken deze regels de mogelijkheid voor goed lokaal maatwerk. Daarom is een goede lobby bij het Rijk noodzakelijk.

Kan ik het alleen?

Ik kan het niet alleen. Ik heb als kandidaat en mogelijk als toekomstig raadslid de kennis en hulp nodig van alle betrokken mensen om problemen te benoemen, te analyseren en oplossingen aan te dragen. Ik heb steun nodig van gewone mensen met een verhaal, zodat ik in de Raad op basis van bovenstaande visie aan dat verhaal een stem kan geven.

Stel het welzijn van de Amsterdamse burger centraal. Aan u de keus.

Met vriendelijke groet,

Lidwien van Langen, beleidsadviseur sociaal domein diverse gemeenten.